zondag 15 januari 2012

LP top 10 2011



1. Israel Nash Gripka – Barn Doors and Concrete Floors
2. The Black Keys – El Camino
3. Jonathan Wilson – Gentle Spirit
4. Jason Isbell & the 400 Unit – Here We Rest
5. DeWolff – Orchards / Lupine
6. Rich Robinson – Through a Crooked Sun
7. Wilco – The Whole Love
8. Wooden Shjips – West
9. Meg Baird – Seasons on Earth
10. Jesse Sykes & the Sweet Hereafter – Marble Son

2012 is inmiddels al 2 weken oud, maar ik wilde per se wachten tot de laatste platen van 2011 binnen waren. En dat was niet voor niets, want beide (Rich Robinson & Meg Baird) hebben ze een plaats in mijn top 10 van vorig jaar gekregen.

Als er vorig jaar iets opviel is het dat vinyl weer helemaal terug is. Was het een paar jaar geleden nog zo dat sommige platen uitsluitend op CD verschenen, tegenwoordig is het een uitzondering als er geen vinylversie van uit komt. En het lijkt wel of met de terugkeer van het vinyl ook de muziek uit de jaren zeventig weer helemaal in is. Bijna alle platen in de top 10 hebben die jaren als directe inspiratiebron.

Op de vinylversie van Israel Nash Gripka was het even wachten, maar dat wachten bleek dan ook de moeite waard. Op het eerste gehoor een aangename combinatie van oude Stones en Steve Earle, maar al snel verdwijnt die vergelijking naar de achtergrond en lijkt het alleen nog op Israel Nash Gripka. El Camino bevat bijna uitsluitend hits met een typische seventies sound maar dan meer uit de hoek van T. Rex en andere glamrockbands. Het was even afwachten of de plaat ook na diverse draaibeurten stand zou houden, maar dat is vooralsnog het geval. Jonathan Wilson zocht zijn inspiratie meer in de Laurel Canyon scene aan de Amerikaanse Westcoast en zoals daar in het verleden gebruikelijk was, wordt hij op een aantal nummers bijgestaan door geestverwanten als ‘Brother Chris Robinson’ van The Black Crowes, ‘Brother Andy Cabic’ van Vetiver en ‘Sir Jonathan Rice’ van Jenny and Johnny. Dit levert een bijzonder sfeervolle plaat op, die per luisterbeurt groeit. Jason Isbell, oud-gitarist van Drive-by-Truckers, leverde met zijn begeleidingsband The 400 Unit weer een prachtplaat af, ze worden zelfs nog steeds beter. Maar ja wat wil je als je geboren en getogen bent in Muscle Shoals, Alabama. Hij heeft dan ook patent op een typisch Southern geluid. Dezelfde groei is ook nog steeds te bespeuren bij DeWolff die met Orchards / Lupine de psychedelische kant van hun eerdere werk verdiepten. Gedurfd, want ze hadden met minder experiment hun succestocht ook voort kunnen zetten. Rich Robinson bewijst met Through a Crooked Sun dat hij ook zonder broer Chris en de andere Black Crowes een schittende plaat af kan leveren. De gitaarpartijen zijn onmiskenbaar Rich Robinson, compositorisch en vocaal zit het allemaal een stuk beter in elkaar dan op zijn vorige solowerk. Wilco zet de op de vorige plaat ingezette koers door. Niet echt verrassend, maar toch vooral door de grote variatie in stijlen de moeite van het beluisteren waard. Eindelijk lijkt gitarist Nels Cline zijn plekje binnen de band gevonden te hebben. Dat twee plaatkanten distortion gitaren met op de achtergrond de zanglijnen geen seconde vervelen, bewezen de Wooden Shjips. Meg Baird beweegt zich op haar tweede solo LP op voor haar bekend terrein. Af en toe begeleid door pedal steel en dobro en met een prachtig ingetogen versie van Beatles and the Stones levert dit een mooie folkplaat op. Aan het herkenbare geluid van Jesse Sykes is wat steviger gitaargeluid toegevoegd dan op de voorgaande platen. Het maakt het bandgeluid er een stuk afwisselender op. Ze wist zich nog net bij de eerste tien van vorig jaar te scharen, vooral omdat de vinylversie van Automatic Sam’s Texino uiteindelijk pas op 13 januari dit jaar te koop was. Die is dan ook al van een plaatsje voor volgend jaar verzekerd.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen